Premium

Interview met Richard van der Laken en David Snellenberg

'Advertising en design in Nederland hebben evenveel gewicht'

  • Carriere
  • 15 April 2016
  • Susanne van Nierop

Richard van der Laken (links) en David Snellenberg (foto: Chris van Houts)

Reclame, reclame, reclame. We hebben het hier niet over de kracht van herhaling, maar over het vak dat de afgelopen 17 ADCN-voorzitters uitoefenden. Maar zoals inmiddels bekend mag zijn: ADCN (Advertising Design Creativity Netherlands, dus voortaan zonder de ervoor) wil verbreden.

Geen reclameclubje zijn, maar staan voor creativiteit in reclame én design. Scheidend voorzitter Lode Schaeffer en directeur Dinesh Sonak hebben zich hier de afgelopen twee jaar hard voor gemaakt. 

Zo kwam het bestuur uit bij een duovoorzitterschap, ingevuld door David Snellenberg (oprichter Dawn, foto rechts) en Richard van der Laken (oprichter De Designpolitie en What Design Can Do). Een unicum in de historie van ADCN: niet eerder had de vereniging twee voorzitters, (er was zelfs een wijziging van de statuten voor nodig) en niet eerder was een ‘echte’ designer ADCN-voorzitter. 

Van der Laken: ‘Eerlijk gezegd had ik ADCN al een paar jaar achter me gelaten, omdat het voor mij en mijn medeontwerpers behoorlijk aan relevantie had ingeboet. We mopperden onderling een beetje over die reclameboys die alleen elkaar prijsjes leken te willen geven.

&;Ik voelde me dus aangesproken toen ik anderhalf jaar geleden door Dinesh werd benaderd in het bestuur te komen. Er waren ook mensen uit andere gremia benaderd en dat vond ik een heel goede zet. Dat is ook de reden dat ik nu “ja” heb gezegd.’

Waarom is een dubbele spreekbuis nodig? 

Snellenberg: ‘ADCN heeft in de verte nog de geur van oude reclamemannen. Onder leiding van Lode en Dinesh is er meer aandacht gekomen voor design, craft, opdrachtgevers en pr. Er is nadrukkelijk gezocht naar verbreding. Dat wilden we manifest maken met een duovoorzitterschap.

&;We willen laten zien dat creativiteit van advertising en design in Nederland voor ons evenveel gewicht hebben. De club wordt beter door een dialoog en voor een dialoog heb je evenwicht nodig. Het is geen voorvechtersclub van één discipline. Nu ook al niet, maar het beeld verandert misschien wat langzamer.’ 

Wat maakt jullie als duo ­geschikt?  

Snellenberg: ‘Richard is heel goed in het ophitsen van creativiteit, dat laat hij zien met het festival What Design Can Do. Hij kan mensen uit zijn wereld – van ministers tot ­modeontwerpers – bij ADCN betrekken. Ik doe dat meer bij opdrachtgevers.

&;Bij Dawn lukt het goed om met bestuursvoorzitters aan tafel te zitten. Door dat te combineren wordt ADCN wat meer fluïde. Het is niet zozeer een voorzitter met één visie, maar we bouwen een platform.’ 

Van der Laken: ‘De klik zit volgens mij in de fascinatie voor elkaar als persoon. We vertrouwen elkaar. Belangrijker nog is dat we elkaars vak fascinerend vinden. Wat ik enorm spannend vind aan reclamemensen is de opportunistische houding en het feit dat ze groot kunnen denken. Designers kunnen best hoog van de toren blazen over engagement en hebben soms het idee dat ze precies weten hoe ze de wereld kunnen veranderen.’

Snellenberg: ‘Dat vind ik juist interessant aan designbureaus: het is geen blanco canvas, er is al een opvatting. Bij reclamebureaus is het vaak “u vraagt wij draaien”. Wiens brood men eet diens woord men spreekt. Ik denk dat het goed is dat reclamebureaus leren ook zelf een opvatting te hebben.’ 

Van der Laken: ‘Aan het einde van de rit gaat het om relevantie. En dan loop je al heel snel tegen de grenzen van je eigen discipline aan. Het gaat om de maatschap
pij, het land waarin je leeft.

&;Als individuele copywriter of typograaf ga je het verschil niet maken. Het is dus heel belangrijk door disciplines heen te kijken en dat moet je met elkaar doen. David en ik vinden het leuk om daarin te enthousiasmeren en te inspireren.’

Wie neemt als eerste het woord?  

(Ze kijken elkaar vertwijfeld aan.) Van der Laken: ‘Wij zijn misschien allebei misschien niet zo heel erg van het woord verkondigen.’ 

Snellenberg: ‘Nee, maar we hebben wel een mening. Marketingcommunicatieafdelingen hebben steeds minder geld beschikbaar, maar innovatieclubs steeds meer. Wij moeten dus heel snel de relevantie van ons vak laten zien aan disciplines buiten de marcom­industrie.

&;Wat is de waarde van creativiteit? Als we niet oppassen, glijden we als vak steeds verder naar beneden en sterven we een langzame dood. Dan worden we weggeïnnoveerd door slimme, beter opgeleide mensen met een startupmentaliteit. Ons vak moet die stap kunnen maken en de ADCN helpt daarbij, met prijzen, seminars en opleidingen.’ 

Richard, hoe vindt BNO het om jou als ­ADCN-voorzitter te zien? 

Van der Laken: ‘Als het goed is juichen ze het toe. Ik ben gevraagd voor het ADCN-bestuur en niet voor BNO. Ik denk dat ik in dit bestuur een grotere rol kan spelen. In een ideale wereld zouden al die partijen allemaal bij elkaar kunnen komen, zodat we één gestructureerde spreekbuis hebben.

&;De creatieve sector is een van de topsectoren en ik heb begrepen dat het best lastig op te lijnen is, omdat er niet geen centraal aanspreekpunt is. Dus het zou goed zijn als we daar samen over praten. En dat gebeurt ook al.’ 

Wat is het eerste wat jullie gaan doen? 

Snellenberg: ‘‘Het creëren van unity. Samen met Dinesh, het bestuur en partners willen we ervoor zorgen dat het definitief van een club van creatieven naar een podium voor creativiteit evolueert. Als we het goed doen hebben over een jaar meer disciplines van elkaar kennisgenomen. Dan zijn er meer kruisbestuivingen en begrijpen mensen uit de ene hoek beter wat mensen uit de andere hoek doen.’

Van der Laken: ‘De eerste stap is inderdaad van elkaar kennisnemen. Ik hoef eigenlijk alleen al te kijken naar mijn eigen tijd op de academie. Ik zat zelf bij grafisch ontwerp, alle mooie meisjes bij mode, de wat nerderige types bij architectonische vormgeving en dan nog wat hippe types bij fotografie.

&;Door al die jaren heen had je relatief weinig contact met elkaar. We zijn nu twintig jaar verder, de wereld is veranderd en maar we zitten nog vast in ons eigen cliché. Voor nieuwe generaties is creativiteit meer een attitude, geen discipline. Daar moeten wij gestalte aan geven.’ 

En waar leidt dat allemaal toe? Wat is de ambitie voor het driejarige bestuurstermijn? 

Snellenberg (lachend): ‘Dan zijn we verdubbeld in leden.’ 

Van der Laken: ‘Het enige wat ertoe doet is dat we dan nog relevanter zijn. Dat mensen aankloppen als ze iets willen weten van de kracht van creatie.’

Snellenberg: ‘Ik vind het zakelijke aspect ook wel belangrijk. Ik zou het goed vinden als we dan inzicht kunnen geven in de impact van creativiteit, maatschappelijk en commercieel. Dat we kunnen valideren wat we doen. Dat staat binnen het vak best wel onder druk.’

Van der Laken: ‘We zouden ook op een of andere ­manier de “Nederlandse School van Creativiteit” tastbaar moeten maken. Dutch design is ­wereldberoemd. Maar wat is nou typisch Nederlandse communicatie? Het zou mooi zijn als we dat in beeld hebben.’ 

 

Waar blijft de vrouwelijke voorzitter? 

Alle juryvoorzitters van de ADCN Awards waren dit jaar vrouw,  waarmee ADCN liet blijken dat diversiteit op de agenda staat.  Toch worden twee maanden later liefst twee mannelijke voorzitters benoemd. Hoe is dit te verklaren?

Directeur Dinesh Sonak: ‘De spoeling voor de vacature van ADCN-voorzitter is sowieso vrij dun en we hebben gecast met de opdracht om sterke persoonlijkheden uit de disciplines reclame en design te vinden, die het ook nog samen wilden doen.

&;Maar diversiteit staat serieus op de agenda, qua disciplines, nationaliteiten, leeftijd en geslacht. De jury’s waren er dit jaar een voorbeeld van. De man-vrouwverhouding van 50-50 is net niet gelukt, door een paar afmeldingen.

&;In het vorige ADCN-bestuur zaten acht Nederlandse mannen en één vrouw. We hebben nu vier vrouwen en verschillende nationaliteiten.’ 

Van der Laken: ‘Ik denk dat Dinesh en het bestuur vooral het statement van die verschillende disciplines hebben willen maken. Maar dat ontslaat ons niet van de taak om diversiteit op de agenda te houden.’ 

Dit interview staat in Adformatie (15 april 2016)

premium

Registreer en probeer 1 maand gratis

Om dit artikel te kunnen lezen heb je een Premium account nodig. Registreer nu en probeer de eerste maand gratis.

Probeer 1 maand gratis Abonneer direct
Advertentie