Premium

Het dilemma van het Aidsfonds: 'Uitgesproken campagnes zijn nodig, maar roepen sneller weerstand op'

Het Aidsfonds stopte vandaag met zijn campagne &;Het virus dreigt te winnen’ en is sinds dinsdagochtend alle uitingen ervan aan het verwijderen. Het doet dat naar aanleiding van felle kritiek.

De HIV-Vereniging sprak van een horrorcampagne en vond de aanpak stigmatiserend en kwetsend omdat die zou suggereren dat mensen met HIV verantwoordelijk zijn voor het leed dat door HIV en aids wordt aangericht. (Zie ook ons )

Crisiscommunicatie

Intussen is het Aidsfonds met damage control begonnen. Het nam de woordvoering van de zaak ter hand, zowel bureau Havas Lemz en de HIV-vereniging staan de pers niet te woord maar laten dat aan het fonds over.

Volgens woordvoerder Karolien Maris van het Aidsfonds was de kritiek vanuit een klein deel van de patienten en HIV-vereniging voldoende aanleiding de stekker uit de campagne te trekken.

Het was toch duidelijk dat het virus in de spot aan het woord was, en niet de HIV-patienten zelf?

&;Blijkbaar niet. We wilden met de spot het virus een stem geven en hebben bewust ook geen gezicht gebruikt om die verpersoonlijking uit de weg te gaan. Als die dan toch zo wordt ervaren, kun je geen andere conclusie trekken dan te stoppen met de campagne.’

Het was een directe, confronterende campagne. Speelde dat mee?

‘Wellicht, we zijn er inderdaad harder ingegaan dan anders. We hebben gekozen voor een duidelijke boodschap, omdat de beeldvorming over aidsbestrijding niet overeenkomt met de werkelijkheid. In  Nederland hoeft niemand vroegtijdig te sterven door HIV, maar tegelijkertijd hebben bijna 20 miljoen mensen met HIV elders geen toegang tot gezondheidszorg en HIV-remmers. Daar maken wij ons enorme zorgen over.’

Die harde boodschap kwam over?

‘Jazeker, we kregen terug dat mensen verrast waren door de cijfers uit de campagne. In die zin waren we er tevreden over, inhoudelijk en over de boodschap. Maar het feit dat mensen met HIV zich gekwetst door de campagne voelden, was natuurlijk reden om er mee te stoppen. Het was nooit de bedoeling een deel van onze achterban op die manier te raken.

Was het probleem ook  dat in de spot Nederlanders worden aangesproken, terwijl de problematiek zich vooral in andere delen van de wereld afspeelt.

‘Ik denk dat dat heeft meegespeeld, hoewel het natuurlijk niet alleen een probleem is dat ver van ons bed ligt. In Oost-Europa is er een schrijnende situatie met veel mensen die geen toegang hebben tot aidsbestrijding. Dat is niet zo ver weg van hier.’

Was de HIV-vereniging niet betrokken bij de opzet van de campagne?

‘Ze zijn wel op de hoogte gesteld, maar niet van de details ervan.’

Dat gaat voortaan wel gebeuren?

&;Ja, dat gaan we in veel nauwere samenspraak doen.&;

Jullie schrijven de campagne te hebben getest op dit soort gevoeligheden. Hoe is dat gegaan?

‘We hebben zowel de radiospot als de tekst voorgelegd aan een panel van mensen met verschillende achtergronden, qua leeftijd, seksuele voorkeuren en ook mensen zonder en met een HIV-status. Daarbij hebben we naar drie campagne-effecten gekeken, aandacht, relevantie en stigma.’

Daar kwam niet uit dat mensen de spots kwetsend of stigmatiserend vonden?

‘Nee, anders waren we natuurlijk nooit met de campagne begonnen.’

De gevoeligheid voor uitgesproken campagnes lijkt erg gegroeid. Dat is lastig in een tijd waarin je wilt doordringen tot mensen.

‘Dat is het ook. Door wat er nu gebeurt zie je precies waar de frictie zit. Harde, uitgesproken campagnes zijn nodig om betrokkenheid te creëren, maar kunnen tegelijkertijd sneller weerstand oproepen. Het debat is veranderd. We zullen we nu in alle openheid het gesprek moeten gaan voeren, ook met de HIV-vereniging, wat we dan wel gaan doen. We hebben de campagnes in ieder geval wel nodig om aan het enorme probleem te werken.’

En nu, gaan jullie alternatieve spots uitzenden?

‘Nee, we hebben de spots stopgezet en doen er nu alles aan om de uitingen van de campagne te verwijderen. We komen niet met een aangepaste versie.’

premium

Word lid van Adformatie

Om dit artikel te kunnen lezen, moet je lid zijn van Adformatie. 15.000 vakgenoten gingen jou al voor! Meld je ook aan met een persoonlijk of teamabonnement.

Ja, ik wil een persoonlijk abonnement Ja, ik wil een teamabonnement
Advertentie