Brandjes blus je beter met empathie dan met inhoud

Roetdeeltjes veroorzaken geen permanente schade. Maar ja, dat is inhoud. En inhoud overtuigt niet. 

door Ingrid van Frankenhuyzen

Midden in de nacht gaat de bel. Ik kijk uit het raam en zie twee agenten voor de deur staan. Of we naar beneden willen komen want er is brand. Onze puincontainer - die aan de achterkant van het huis staat vanwege een verbouwing - is in brand gestoken. De brandweer is uitgerukt en heeft de brand al geblust, maar, zo zeggen de agenten, er staat nu een aantal boze achterbuurmannen op straat. Met het schuim op de lippen want er zitten allemaal zwarte roetdeeltjes op hun dure auto’s en ze komen verhaal halen. ‘Daar gaan wij niet aan beginnen’, zeggen de agenten, ‘dus kleed u zich maar aan en ga erheen. Met name een meneer met een BMW uit de 5-serie is compleet over zijn toeren.’

Advertentie

Meebuigen

Ik vertel thuis graag verhalen over crisiscommunicatie, dus is mijn wederhelft inmiddels ook een halve expert op dat gebied. Terwijl we ons aankleden, nemen we het scenario door: we gaan niet zeggen: ‘ja hallo, dat is onze schuld toch niet, wij hebben dat ding toch niet in de fik gestoken?’. Hij weet dat dat een inhoudelijke reactie is (die werken niet), dus zeggen we tegen elkaar: meebuigen, meebuigen, meebuigen.  Empathie, emotiemanagement.

We oefenen nog snel wat zinnen als ‘ach, die mooie auto, wat vreselijk, net nieuw en dan dit’ en ‘wat kunnen we doen voor je, hoe kunnen we helpen, we zijn goed verzekerd’, enzovoorts.

Mijn man loopt non-verbaal al krom van het pre-meebuigen de straat in. En inderdaad, daar komen ze aanlopen, een mini-peloton boze mannen. De BMW-man gaat tekeer: ‘Die container stond er al veel te lang, jullie hebben erom gevraagd, dit gaat je geld kosten, jullie hebben mijn nieuwe auto vernield.’ 

Opspattend bluswater

Mijn man buigt nog dieper en als een routinier komen de empathische zinnen eruit. Het werkt. De boosheid verdwijnt want wie eerst emoties managet, strijkt glad. Subtiel hadden we er in een bijzin al ‘het is toch ook te erg voor woorden - vast van die pubers van verderop die zo’n container te grazen nemen, tuig’ ingebracht. Wat we toen al wisten van de brandweer was dat roetdeeltjes van opspattend bluswater geen permanente schade veroorzaken. Maar ja, dat is inhoud. En inhoud overtuigt niet. 

Uiteindelijk werden de heren en wij het emotioneel eens. De auto’s gingen op onze kosten door de wasstraat en we veegden letterlijk en figuurlijk de straat schoon met de meegebrachte bezem.

Nu drinken we als vanouds weer biertjes met elkaar op straat- en parkfeesten. Niets gebeurd. Nooit een rekening van een wasstraat gezien.

Alleen die rotjochies zijn nooit gevonden, maar die woordvoering laten we graag over aan de politie.

Plaats als eerste een reactie

**Bold** _italic_
Uw emailadres wordt uitsluitend gebruikt om mogelijk contact met u op te nemen naar aanleiding van uw bericht en is alleen zichtbaar voor de redactie.
Advertentie