Het overkomt de beste merken. Je commercial stopt de tegenwoordig o zo belangrijke scroll, de cijfers zien er goed uit en intern is iedereen tevreden. Tot je een week later iemand van buiten je eigen bubbel vraagt welk merk er ook alweer achter die ene goede reclame zat en het stil blijft. Mooie commercial, dat wel. Maar van wie 'ie was? Geen idee.
Opvallen en als merk onthouden worden zijn in 2026 twee verschillende dingen. We weten inmiddels tot op de seconde nauwkeurig wát er gebeurde nadat je uiting live ging. Maar de vraag die er daarvóór toe doet, namelijk werkt dit wel en waarom blijft meestal onbeantwoord. Die keuze maken we nog heel vaak op de onderbuik en op ervaring: we kruisen onze vingers en kopen onze media in. In een vakgebied met steeds meer videoformaten en steeds kortere doorlooptijden is dat een verdacht dure gewoonte. En, zo blijkt, ook een vermijdbare.
De sinkhole onder je creatieve funnel
De cijfers zijn ontnuchterend: campagnes met flinke budgetten scoren vaak hoog op breakthrough, maar laag op brand attention. Ze stoppen de scroll, maar de kijker skipt snel of gaat verder maar zonder de afzender goed te registreren. Daarmee bouw je dus niet aan je merk. Geen winst in mental availability, en dat is niet "een schoonheidsfoutje", maar puur mediabudget dat in je funnel verdwijnt, zonder dat iemand het merkt.
De aandachtswetenschap leunt op drie pijlers, en ze tellen op in volgorde:
Ad Breakthrough: doorbreek je überhaupt de ruis, of in moderne termen: stop je de scroll? Belangrijk, maar dit is ook waar de meeste merken stoppen met meten. En precies daar gaat het vaak mis.
Brand Attention: koppelt het brein wat het ziet ook daadwerkelijk aan jóuw merk? Niet: zit het merk in je ad? Maar: wordt je merk ook gezien, worden je distinctive assets herkend, en slaat het brein dat vervolgens op? Een reclame die iedereen bekijkt maar niemand aan je merk verbindt, is een cadeautje aan je categorie of, als je echt pech hebt, aan je concurrent.
Cognitive Ease: kan een kijker die elk moment kan wegklikken je boodschap makkelijk verwerken? Hoe meer moeite het ons brein kost, hoe minder er blijft hangen. En hoe eerder we afhaken.
Het liefst kloppen ze alle drie. Dan wordt aandacht omgezet in mentale beschikbaarheid van je merk, het soort effect dat je terugziet in merkgroei en daarmee in je verkoopcijfers.
Het lab klopt, alleen is het vaak te langzaam
Zekerheid over aandacht bestond al lang via eye-tracking en EEG-onderzoek. Degelijk werk, maar vaak kostbaar en tijdrovend. Tegen de tijd dat de uitslag binnen was, stond de campagne vaak al bijna live, of viel er weinig meer echt goed aan te passen. Zo veranderde het neurolab van keurmerk soms in een knelpunt.
Daar komt bij dat de cijfers waar we ons doorgaans op blindstaren — clicks, impressies, conversies — je wel vertellen wát er gebeurde, maar nooit goed waarom. En zonder dat waarom is aanpassen lastig. In het slechtste geval herhaal je volgend kwartaal een net iets andere underperformer, met een nieuw budget.
Voorspellende AI maakt dat overbodig. Het junbi-platform (van alpha.one) voorspelt hoeveel aandacht een uiting trekt nog voordat hij live gaat. De modellen zijn ontwikkeld met onderzoekspartners van de Erasmus Universiteit en gevalideerd op basis van MIT-benchmarks, gebouwd door wetenschappers met een achtergrond in neuromarketing. Geen black box, maar peer-reviewed wetenschap. De voorspellingen komen sterk overeen met klassieke EEG- en eye-tracking-studies. Alleen krijg je je resultaat niet in weken, maar in minuten.
Van mening naar een meting
De grootste winst is, naast de snelheid, de inhoud van het gesprek. We kennen het ritueel: de creatief vindt zijn eigen insteek sterk, de brandmanager vindt het logo te klein en iemand aan het hoofd van de tafel "heeft er een gevoel bij". Drie meningen, nul feiten en een feedbackronde met veel gepraat — vaak gewonnen door de hoogste in rang.
AI verschuift dat gesprek van smaak naar bewijs. Het platform vergelijkt je creatie met een benchmark van inmiddels meer dan 10.000 geteste advertenties uit allerlei markten, contexten en categorieën; een referentiekader dat geen mens of team in zijn eentje kan overzien. Voeg daar Sendō aan toe, een AI-gids die concreet en evidence-based marketingadvies geeft. En daarvoor meerdere agents inzet. Elk met zijn eigen specialiteit. Van on brand of niet, effectiveness checks voor YouTube tot Categoty Entry Points (CEP). Sendō blijft niet hangen bij de constatering dát de aandacht wegzakt op seconde zeven, maar denkt mee over wat je er concreet aan kan doen.
In de praktijk betekent dat tot zo'n 50% snellere iteratie en goedkeuring, met de zorgvuldigheid van het lab nog intact. "Vind jij dit mooi?" wordt "wat zegt de meting?" — en dat scheelt vooral veel meetings. Zonder impact op het creatieve concept.
De wetenschap van de Peak-End
Een mooie toepassing komt uit de gedragspsychologie: de Peak-End Rule. Mensen beoordelen een ervaring niet op het gemiddelde, maar op het intenste moment en op het einde. Voor adverteerders is dat bruikbaar, mits je weet wat er in die piek te zien is.
In plaats van te gokken waar het logo of de call-to-action het beste landt, laten AI-analyses frame voor frame zien wanneer de aandacht piekt. Dáár zet je je merk, product, prijs of CTA neer. Niet omdat het toevallig goed uitkomt in de montage, maar omdat je wil dat het gezien wordt. Zodat de kijker straks niet alleen je commercial onthoudt, maar ook van wie 'ie was.
Big data was nooit het antwoord
Marketing legende Les Binet wijst er al jaren op dat de fixatie op big data ons blind maakt voor wat hij long data noemt: de tragere, diepere patronen die merkeffecten écht verklaren. In de creatieve praktijk is "big data" vaak niet veel meer dan een stapel prestatiecijfers waar geen enkele creatief een betere reclame van maakt.
Aandachtsdata is precies zo'n vorm van long data: het legt bloot hoe mensen kijken, verwerken en onthouden. En het haalt de discussie weg uit het “ik vind” domein. Als je kunt laten zien dat één montagekeuze de brand attention fors verhoogt zonder dat er iets aan je creatieve opzet verandert, valt er meestal weinig meer te discussiëren, en werk je samen naar hetzelfde doel.
De Tempo-Team-aanpak
Kijk je naar de campagnes die het afgelopen jaar bleven hangen, dan begonnen ze niet bij hopen dat het wel zou werken, maar bij begrijpen hóe het dan werkt. Grand Prix-winnaar Tempo-Team zette junbi in om voorbij de pure breakthrough te komen: uitingen die niet alleen opvielen, maar ook bleven plakken, makkelijk te verwerken én het belangrijkste: goed te onthouden.
Het illustreert een regel die helaas in 2026 nog steeds opgaat: de duurste advertentie is vaak de ongeteste advertentie. De vraag die we als marketeers zouden moeten stellen is niet "ziet het er goed uit?", maar "is dit goed genoeg gemaakt om onthouden te worden?". Het mooie is dat voorspellende creativiteit geen vergezicht meer is; het begint langzamerhand de ondergrens van het vak te verhogen. Meer meting, minder mening. Zonder creatieve impact.
Wat heb je te verliezen?
Merken zijn uiteraard vrij om door te gaan zoals ze het altijd al deden; voor veel campagnes gaat het prima, en niemand schrijft je voor hoe je moet werken. Maar als je nieuwsgierig bent: het kost je niets om het eens te checken op een uiting die toch al klaarligt. Upload één creatie, zie binnen een paar minuten waar de aandacht piekt en waar je merk nog onzichtbaar blijft, en bepaal dan zelf of aanpassen de moeite waard is. Er is geen mediabudget nodig om daar achter te komen.
De afweging is dus overzichtelijk: een paar minuten van je tijd, tegenover het risico dat een hele campagne ongezien langs het geheugen van je publiek scheert.
Test je volgende uiting op junbi
junbi in het kort
- Resultaten in minuten (o.a. gebruikt door: Google, Ford, Unilever, Hyundai, KPN)
- Onbeperkt testen, het hele jaar, voor één vaste jaarprijs.
- ~50% snellere iteratie en goedkeuring.
- Benchmark op basis van 10.000+ advertenties.
- Ontwikkeld met Erasmus, gevalideerd met MIT, getoetst aan Google-gedragsdata.
Reacties:
Om een reactie achter te laten is een account vereist.
Inloggen Abonneer nu