Van de ‘pilsjama’ van Heineken en het juichjack van Jumbo tot een zes minuten durende film van Nike, en Albert Heijn en KPN die de handen ineenslaan met Louis de Kat: merken staan massaal klaar om mee te bewegen met de Oranjekoorts.
Opvallend is dat het WK vaak wordt gebruikt als ultieme campagneclimax. Het moment waarop alles samenkomt. Een film, een inhaker, een activatie, op de winkelvloer en op social: allemaal werken ze toe naar dat ene piekmoment. Maar misschien is de vraag niet alleen óf je als merk iets moet doen met het WK. De interessantere vraag is: kan het WK ook het begin zijn van een groter einddoel? Een startpunt in plaats van eindpunt.
Inhakers zijn klaar na het WK
Dat commerciële merken willen profiteren van al die Oranjepret is logisch. Er zijn weinig momenten waarop zoveel mensen tegelijk kijken, praten, juichen, balen en meeleven als tijdens het WK. Dat is natuurlijk een uitgelezen kans om bier, chips, bitterballen of oranje tompoezen te verkopen.
Voor kortetermijndoelstellingen werkt zo’n WK dan ook erg goed. De aandacht is er al, de emotie ligt voor het oprapen en de culturele context is voor iedereen herkenbaar. Je hoeft als merk niet uit te leggen waarom je aanwezig bent: iedereen begrijpt het moment. Maar de keerzijde van het WK is ook: tijdelijke relevantie. Zodra Nederland eruit ligt of de finale is gespeeld, verschuift de aandacht alweer naar een andere actualiteit van de dag.
Gedragsverandering duurt langer dan één toernooi
Tegelijkertijd zien we — gelukkig — steeds vaker dat commerciële merken zich uitspreken over maatschappelijke thema’s. En zodra een campagne verder gaat dan verkoop of merkbekendheid, is één WK niet genoeg.
Sterker nog: het toernooi is dan misschien niet de climax, maar juist het beginpunt.
Want maatschappelijke verandering is zelden een kwestie van één goed momentum. Welk gedragsmodel je er ook bij pakt: verandering verloopt in stappen, kost tijd en vraagt vaak om meerdere interventies tegelijkertijd. Het is een samenspel van beleid, communicatie, omgeving, herhaling en soms ook wetgeving.
Ons gedrag laat zich dus helaas niet veranderen door één WK. Voordat mensen anders gaan handelen, moeten ze zich eerst bewust worden van een probleem. Ze moeten het belangrijk genoeg vinden. Ze moeten de motivatie voelen om iets te doen. En misschien wel de grootste uitdaging: ze moeten dat nieuwe gedrag ook volhouden.
Het WK is slechts de aftrap
Precies daar zit de kracht én de beperking van het WK. De voordelen van zo’n toernooi werken vooral in de eerste fase van gedragsverandering. Het maakt een onderwerp zichtbaar. Het brengt gesprekken op gang. Het vergroot de kans dat iemand denkt: misschien is dit ook voor mij relevant.
Communicatie kan daarin veel betekenen. Het kan een probleem agenderen, sociale normen bevragen en mensen taal geven om bepaald gedrag te herkennen of af te keuren. Maar wie echt gedrag wil veranderen, moet verder kijken dan bereik, likes of campagneherinnering alleen.
Dan gaat het ook om herhaling, handelingsperspectief en de vraag wat er gebeurt nadat het toernooi voorbij is. Want juist met een onderwerp dat na het laatste fluitsignaal ook nog relevant is, kan het WK ook een effectieve kickstart zijn van een bredere strategie.
Geloofwaardigheid begint pas na de finale
En dat is niet de enige reden om het WK slechts als beginpunt te zien. Wie een maatschappelijk thema agendeert rond een groot sportevenement, profiteert niet alleen van de aandacht voor dat thema, maar ook van de aandacht voor zichzelf als merk. Juist daarom is een vervolg belangrijk. Want als een merk zich tijdens het toernooi nadrukkelijk verbindt aan een maatschappelijk thema, maar na de finale als sneeuw voor de zon verdwijnt, ligt opportunisme al snel op de loer.
Online haat in de voetbalwereld
Gelukkig zijn er merken die het WK al weten te vinden voor een meer purposegedreven boodschap. ING lanceerde een campagne tegen online haat in de voetbalwereld. Een thema dat logisch voelt voor een merk dat al jaren verbonden is aan voetbal, maar tegelijkertijd groter is dan voetbal alleen.
ING gebruikt het WK niet alleen als moment om zichtbaar te zijn, maar als context om een maatschappelijk probleem op een natuurlijke manier te agenderen. Online haat hoort bij de schaduwkant van voetbal: bij wedstrijden, bij prestaties, bij teleurstelling, bij spelers die winnen, verliezen, missen of simpelweg zichzelf zijn.
En hoewel het WK dat probleem misschien extra zichtbaar maakt, verdwijnt het niet zodra het toernooi voorbij is. Daar zit het verschil met veel commerciëlere WK-campagnes. Een oranje gadget, snackactie of tijdelijke promotie heeft vaak een duidelijke houdbaarheidsdatum. Zodra het toernooi voorbij is, is ook de relevantie grotendeels verdwenen. Maar bij een thema als online haat ligt dat anders. Juist daar heeft een maatschappelijke campagne de potentie om meer te worden dan een tijdelijke inhaker. Interessant dus om te volgen hoe ING deze rol na afloop van het WK invult.
Aandacht voor de risico’s van gokken
Een ander voorbeeld komt van de Kansspelautoriteit, die jongeren met de WK-campagne ‘Laat je niet zoek spelen’ waarschuwt voor de risico’s van gokken. Ook daar is het WK geen willekeurig haakje, maar een context waarin het probleem extra zichtbaar wordt. Rond grote sportevenementen neemt de verleiding om te wedden op wedstrijden toe, zeker wanneer gokken wordt gepresenteerd als onderdeel van de spanning en beleving rondom voetbal.
Juist daarom is zo’n boodschap relevant tijdens het WK. Niet omdat één campagne ervoor zorgt dat jongeren hun gedrag blijvend aanpassen, maar omdat het toernooi een logisch moment biedt om bewustwording te creëren. Het WK maakt het thema concreet: gokken is dan niet abstract, maar gekoppeld aan wedstrijden, vrienden, voorspellingen en de druk om mee te doen. Voor de Kansspelautoriteit is dit een logisch moment om te communiceren, als onderdeel van een langlopende campagne rondom dit thema.
Van Oranjekoorts naar impact
Het WK is zeker geen garantie voor maatschappelijke impact, maar wél een krachtig vertrekpunt. Voor merken en organisaties die verder durven te kijken dan de inhaker, ligt de echte waarde niet alleen in het moment waarop heel Nederland kijkt, maar in wat er daarna gebeurt. Want maatschappelijke impact vraagt meer dan zichtbaar zijn op het juiste moment. Het vraagt om begrijpen waar mensen staan, welke drempels gedrag in stand houden en hoe tijdelijke aandacht kan worden omgezet in duurzame gedragsverandering. Vanuit die gedachte is het WK niet alleen een podium voor je merk, maar vooral een kans om momentum betekenis te geven. Pas dan wordt Oranjekoorts niet alleen een kort moment van aandacht, maar een aanjager van een blijvende beweging.
Reacties:
Om een reactie achter te laten is een account vereist.
Inloggen Abonneer nu