Strategisch denken deel 2: Dzjengis Khan

Wat kunnen we leren van een van de grootste strategen aller tijden? In het tweede deel van strategisch denken gaan we op zoek naar het inzicht van Dzjengis Khan.

Helaas hebben we niet meer de rechten op de originele afbeelding
adformatie

Hij was een geniaal, maar genadeloos strateeg en militair leider van het grootste rijk dat onze geschiedenis heeft gekend. Met welke problemen werd Khan tijdens zijn vele gevechten geconfronteerd en hoe wist hij deze problemen effectief en efficiënt op te lossen?

In hebben we stilgestaan bij de definitie van strategie, de diverse strategieën die werden gevolgd door de grote militaire strategen en het inzicht van Julius Caesar. In deel 2 gaan we dieper in op de rol die problemen spelen bij het ontwikkelen van een strategie. Strategie is namelijk het realiseren van doelen door het planmatig inzetten van middelen. Daaruit kunnen we concluderen dat we zonder deze planmatige middeleninzet dit doel niet zouden realiseren. Er is dus ‘iets’ dat ons doel in de weg staat. En dat ‘iets’ noemen we het probleem. En juist dat probleem moet centraal staan bij het formuleren van de strategie. Want door het probleem op te lossen wordt het doel gerealiseerd.

Probleemdenken
Ik noem deze manier van strategisch denken ‘Probleemdenken’. Strategie gaat namelijk over het formuleren en implementeren van effectieve en efficiënte oplossingen. En een oplossing kan alleen effectief en efficiënt zijn als deze het aanwezige probleem oplost. De oplossing van een probleem begint per definitie bij het probleem zelf, dus de strategie begint ook bij het probleem. Zodra we namelijk exact weten wat het probleem is, wordt de oplossing zichtbaar. Niet voor niets is de definitie van inzicht ‘het herkennen van het verband tussen de verschillende elementen van een probleem’ (Köhler,1917). Inzicht is ‘het zien van het probleem’ en daarmee ook de oplossing.

Van doelstelling naar probleemstelling
Als we werken vanuit inzicht dan starten we dus niet met ‘why’ maar juist met ‘why not’. We werken niet vanuit de doelstelling, maar vanuit de probleemstelling. In plaats van een doelstelling van 10% groei stellen we onszelf de vraag waarom we nog geen 10% zijn gegroeid. Antwoord op deze vraag is namelijk ook direct het antwoord op de vraag hoe we deze 10% alsnog kunnen groeien. Dat geeft ons direct focus qua uitwerking van de strategie. En dat maakt Probleemdenken effectief en efficiënt.

De oplossingen van Dzjengis Khan
Het Mongoolse leger kende in haar tijd geen gelijke. In de hoogtijdagen strekte het Mongoolse rijk zich uit van Oost-Europa tot aan het uiterste oosten van Azië. Het Mongoolse rijk zou qua grootte nimmer worden overtroffen en was groter dan het rijk van Alexander de Grote of het Romeinse rijk op haar hoogtepunt. Hoe was Dzjengis Khan in staat een leger op de been te brengen dat zo sterk was dat hij een dergelijk rijk tot stand kon brengen? Khan was als geen ander in staat de vele problemen die hij onderweg tegenkwam effectief en efficiënt op te lossen. Door hier op te anticiperen en deze als uitgangspunt te nemen voor zijn militaire strategie. Wetende dat een overwinning niet zonder slag of stoot tot stand kwam, zorgde Khan er voor dat hij een maximaal resultaat bereikte met minimale inzet van middelen en - even belangrijk - minimale verliezen.

Als het Mongoolse leger op een onneembare vestiging stuitte waren er diverse tactieken die werden uitgevoerd om het aanwezige probleem op te lossen. De planmatige wijze waarop het Mongoolse leger met een dergelijk probleem omging doet het legendarische voorbeeld van het Paard van Troje overkomen als slechts een toevalstreffer.

Allereerst viel het Mongoolse leger de omliggende, minder goed beschermde dorpen en steden aan. Dit had een drietal voordelen. Allereerst werd de communicatie van de belegerde stad met de omgeving afgesneden. De dorpen en steden die als communicatieliaison met de omgeving dienden werden vernietigd. Daarnaast werd een aantal mensen in leven gelaten die konden vluchten naar de belegerde stad. Daar aangekomen konden ze vertellen over de terreur waarmee het Mongoolse leger de dorpen en steden was binnengevallen. Vanzelfsprekend hadden dergelijke verhalen een directe impact op het moraal van het daar aanwezige leger. Tenslotte zorgde de aanwas van vluchtelingen voor een extra belasting op de aanwezige voorraden en daarmee uiteindelijk tot verzwakking van het leger.

Vervolgens begon het Mongoolse leger met het omleggen van alle mogelijke aanvoerpunten. Alle aanvoerroutes, rivieren en overige watervoorzieningen werden afgesloten of omgelegd. Inwoners van de omliggende dorpen en steden die beschikten over technische kennis kregen eenmalig de ‘keuze’ zich bij het Mongoolse leger aan te sluiten. Zodoende werd het leger continu versterkt met hoofdzakelijk Chinese en Perzische technici, die hielpen bij de ontwikkeling van oorlogsmaterieel en het vergroten van de technische kennis binnen het leger van Dzjengis Khan. Tenslotte werd een deel van de bevolking in leven gelaten om te dienen als ‘Kharash’. Zij fungeerden als menselijk schild bij tegenaanvallen op het Mongoolse leger.

Om tenslotte de onneembare stadsmuren te omzeilen katapulteerden de Mongolen de lichamen van pestslachtoffers - de pestepidemie heerste in de tijd van Dzjengis Khan - over deze stadsmuren. De vlooien die vervolgens vrijkwamen verspreidden de ziekte binnen de stadsmuren waardoor de Mongolen de stad vervolgens zonder noemenswaardige strijd konden innemen.

Wat de strategie van Khan zo succesvol maakte, was het feit dat hij zijn strategie altijd formuleerde vanuit de problemen waarmee hij werd geconfronteerd of de problemen die hij verwachtte. Er zijn nog legio andere voorbeelden die laten zien hoe het Mongoolse leger altijd vanuit het aanwezige probleem te werk ging. Er was geen sprake van opportunisme of overmoed, maar van een ongelooflijke realiteitszin die leidde tot het meest effectieve en efficiënte leger dat het grootste rijk aller tijden realiseerde.

Advertentie
advertisement
Advertentie