Onderzoek Havas: minder vertrouwen in de mens dan in technologie

Respondenten van het Havas iLife-onderzoek hebben meer vrees voor wat de mens met technologie zal doen dan vice versa. Een kans voor bedrijven om juist de positieve mogelijkheden te laten zien.

Bureau Havas onderzocht wereldwijd de relatie tussen mens en technologie. Ruim 12.000 respondenten wereldwijd (waaronder 101 Nederlanders) deden mee aan de studie 'iLife'. Strateeg Lianne Heite (Havas Lemz) bespreekt in drie delen de meest opvallende uitkomsten.

Robots en kunstmatige intelligentie
Dit tweede deel geeft een inkijkje in onze dromen en nachtmerries over robots en kunstmatige intelligentie. In het eerste deel over smartphones en social media bleek dat een ruime wereldwijde meerderheid vindt dat moderne technologie menselijke relaties verzwakt. Terwijl we aanvankelijk dachten dat het ons meer met elkaar zou verbinden.

Wat doen we hiermee? Gaan we technologie uit ons leven bannen en ons meer op offline relaties richten? Een enkeling vast, maar de meerderheid niet. Sterker nog, een groot deel verheugt zich op de opkomst van robots en kunstmatige intelligentie, oftewel Artificial Intelligence (AI).

AI leert een computer vaardigheden die normaal gesproken menselijke intelligentie vereisen. Deze technologie wordt bijvoorbeeld toegepast in zelfrijdende auto’s, virtuele assistenten en intelligente chatbots, maar ook om vroegtijdig ziekten op te sporen. AI-systemen worden ‘slimmer’ aan de hand van input en ervaringen. Er bestaat zelfs AI-software die zelf AI-software kan ontwikkelen.

Wereldwijd denkt 52% dat AI een positieve uitwerking zal hebben op de samenleving. Nederlandse respondenten zijn iets minder optimistisch: 38% deelt deze opvatting. Opvallend is dat mannen, zowel lokaal als internationaal, een stuk positiever over AI gestemd zijn dan vrouwen.

Relatie met een robot
Ruim een derde van de wereldwijde ondervraagden gelooft dat robots zo menselijk zullen worden dat we ze niet van echt kunnen onderscheiden. Deze voorbeelden komen al aardig in de buurt. Zie vooral het onderste voorbeeld: Sophia is zelfs tot officieel staatsburger van Saoedi-Arabië benoemd.

22% van de mannen denkt dat het normaal wordt om een vriendschappelijke of romantische relatie met een robot aan te gaan. (Ik vermoed dat de stem van Scarlett Johansson in de film “Her” wonderen heeft verricht.)

En dat zou best eens werkelijkheid kunnen worden. Kijk maar naar humanoïde robots als Sophia. Of naar Google, dat niet alleen programmeurs inhuurt om AI-producten te ontwikkelen, maar ook komieken, fictieschrijvers en andere mensen met een groot empathisch vermogen om ze vooral maar boeiende ‘persoonlijkheden’ te geven.

Automatisch producten bestellen
Ook huishoudelijk gemak lonkt. Nu al zou 44% van de millennials wereldwijd het fijn vinden als de koelkast automatisch producten bestelt die op zijn. Dit kan al met de allernieuwste koelkasten, maar die zijn nog niet in Nederland verkrijgbaar.

Internationaal juicht 33% van de millennials het toe als bedrijven voorspellen wat zij willen kopen en dat proactief bezorgen. Ook prosumers (consumenten die vooroplopen) staan hiervoor open en dat impliceert dat 'de gewone consument' over 6 tot 18 maanden zal volgen. Nederlandse respondenten zijn (nog) wat minder enthousiast.

Millennials maken zich zorgen
Al met al maken wij ons meer zorgen over digitale ontwikkelingen dan mensen uit veel andere landen. Zo vreest 60% van de Nederlandse respondenten dat we lui en nutteloos zullen worden door de komst van AI en robots. Vooral Nederlandse millennials tonen zich angstig: 69% denkt dat miljoenen mensen werkloos worden door AI, 40% denkt dat kunstmatige intelligentie de totale maatschappij zal overnemen. Een vergelijkbaar percentage denkt dat we menselijke imperfecties niet meer zullen accepteren en 22% vreest zelfs dat AI de aarde zal vernietigen.

Bijzonder om te zien dat 55+ers – ook internationaal – zich verreweg het minst druk maken en vooral hoopvol gestemd zijn.

Verschillen en overeenkomsten tussen landen
Niet alleen de denkbeelden van generaties verschillen van elkaar, ook de zienswijzen van verschillende culturen lopen uiteen. In een land als China waar AI meer gewoongoed is, ziet men vooral de positieve kanten. Terwijl men in een traditioneel land als Frankrijk de negatieve kanten veel meer ziet. Dat geldt ook voor Nederland. Onbekend maakt kennelijk onbemind.

Maar wat ons allemaal verbindt, is dat we gemiddeld genomen het meest bang zijn voor wat wijzelf met deze nieuwe technologie zullen doen. Denk aan oorlog voeren of mensen onderdrukken. Dit vrezen we meer dan wat 'het' ons zal aandoen (alles overnemen, de aarde vernietigen).

Tot slot
Artificial intelligence is een onderwerp dat de gemoederen bezighoudt. De voordelen en mogelijkheden die het ons kan bieden zijn overduidelijk en omarmen we enerzijds gretig, maar velen – waaronder Elon Musk– zijn ook bezorgd over de effecten van AI. Ze zijn vooral bang voor wat kwaadwillende mensen op termijn met deze technologieën zullen aanrichten. Niet helemaal onterecht. Niemand weet waar het precies naartoe gaat en er is nog weinig regulering vanuit overheden.

Hoe kunnen merken en bedrijven hier in de tussentijd mee omgaan? Je kunt zoals in de nieuwe Triodos-campagne (hieronder) kiezen voor een tegengeluid.

Maar aangezien deze ontwikkelingen niet te stoppen zijn, is het geen slecht idee om AI juist snel te omarmen en in te zetten om meer waarde toe te voegen aan producten, diensten, levens en zelfs de maatschappij. Zoals KLM met slimme assistent BB die je helpt je koffers inpakken of de Amsterdamse politie die met big data criminaliteit voorspelt. Bovendien een mooie kans om Nederlandse consumenten de positieve kanten van kunstmatige intelligentie te laten ervaren.

Interessant onderwerp? Kijk dan zeker deze video van WhyFuture.

Wordt vervolgd met een laatste deel over privacy.

Download hier het wereldwijde Havas iLife onderzoek.

Advertentie