Vea haalt uit naar Hema

In een ingezonden brief onder de kop ‘Fatsoen’ beticht Vea-voorzitter Marc Oosterhout ‘een grote Nederlandse opdrachtgever’ van het niet in acht nemen van ‘elementaire fatsoensregels’ tijdens een inmiddels stop gezette pitch. Alles wijst erop dat het gaat over Hema.

Helaas hebben we niet meer de rechten op de originele afbeelding
adformatie

is een klacht die de Vea onlangs van een van haar leden ontving over een pitch die een grote Nederlandse opdrachtgever had uitgeschreven.

‘De opdrachtgever besloot na twee pitchrondes uiteindelijk niet op zoek te gaan naar een nieuw bureau. De belangrijkste argumentatie was dat er komend jaar nauwelijks tot geen budget zou zijn,’ schrijft Oosterhout.

Het moet hier wel gaan over de klacht over de Hema-pitch, waarover Adformatie in het magazine van 15 november berichtte.

Dat bericht ging over het stoppen van een pitch door director marketing Anne-Gien de Haan, die afgelopen zomer werd uitgeschreven.

Vier bureaus werden uitgenodigd, waarvan er drie overbleven die vervolgens tot twee keer toe strategische en creatieve voorstellen hebben gepresenteerd. Vervolgens werd de pitch stopgezet.

Hoofd Corporate Communicatie van Hema Judy op het Veld mailde Adformatie afgelopen donderdag naar aanleiding van deze berichtgeving het volgende: ‘Wij herkennen ons niet in de geschetste situatie. Hema heeft niemand welbewust onnodig aan het werk gezet en ook niet tijdens de pitch besloten af te zien van honorering. Met alle partijen in kwestie is vooraf een vergoeding overeengekomen. Overigens is het ook zo dat de pitch weliswaar tijdelijk “on hold” is gezet, maar nog niet is afgerond. Van excuses aan de kant van Anne-Gien Haan is dan ook geen sprake.’

De klacht die de Vea ontving ging, zo schrijft Marc Oosterhout, niet over het stop zetten van de pitch, maar over de manier waarop de opdrachtgever gehandeld heeft: ‘Deze (opdrachtgever) bleek weinig oog te hebben voor de belangen van de bureaus. En vond het de gewoonste zaak van de wereld om lopende de pitch de regels te veranderen en daar niets tegenover te stellen. Niet in de vorm van excuses. Niet in de vorm van een vergoeding voor de forse investeringen die door de bureaus waren gedaan. Zelfs niet in de vorm van een persoonlijke toelichting.’

Een saillant detail is dat Oosterhout in hetzelfde schrijven de loftrompet  steekt over een andere ‘grote opdrachtgever’ die de deelnemende bureaus in een pitch bovenop de reeds betaalde pitchvergoeding een extra vergoeding in het vooruitzicht stelde, als waardering voor alle inspanningen. ‘We pleiten er niet voor dat dit de nieuwe norm is, maar het is wel een prachtig voorbeeld van hoe het ook kan,’ schrijft Oosterhout. Saillant  is dat dit de KPN-pitch betreft, die Oosterhout met zijn bureau N=5 zelf heeft gewonnen, maar over dit pitchproces zijn ook de verliezende bureaus te spreken.

 

 

 

Advertentie
advertisement
Advertentie