De manier waarop het ministerie van Volksgezondheid tijdens de coronacrisis een eigen verhaal over zijn handelen liet opstellen, leidt tot stevige kritiek.
Uit onderzoek van Nieuwsuur op basis van interne VWS-documenten blijkt dat het ministerie al tijdens de eerste coronagolf rekening hield met een toekomstige parlementaire enquête. VWS wilde voorkomen dat zijn handelen met kennis achteraf zou worden beoordeeld.
Hoogleraren Ronald Kroeze en Wim Voermans uiten tegenover Nieuwsuur scherpe kritiek op de achterliggende redenering. Voermans spreekt van een departement dat zichzelf probeerde te beschermen.
In mei 2020 besloten de hoogste ambtenaren van VWS een eigen ‘narratief’ over de crisisaanpak te laten opstellen. Het ministerie wilde voorbereid zijn op vragen die later over het gevoerde beleid zouden komen en hindsight bias, oordelen met kennis achteraf, voorkomen.
Voor het onderzoek werd de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) ingeschakeld. Een VWS-ambtenaar schreef intern dat het verhaal ‘sterker en minder vatbaar voor kritiek’ zou worden door het te laten opschrijven door onderzoekers van buiten, met veel input van VWS zelf.
VWS betaalde 470.000 euro voor de opdracht, die buiten de Europese aanbestedingsregels om werd verstrekt. De NSOB kreeg ruim vijfduizend pagina's interne crisisstukken en interviewde tientallen VWS-ambtenaren.
Het onderzoek bekeek de crisis uitsluitend vanuit het perspectief van het ministerie. NSOB-bestuurder Martijn van der Steen noemt dat achteraf een ‘eenzijdige blik’. Hij zegt zich bij het lezen van de interne stukken nu ongemakkelijk te voelen bij het feit dat VWS ook een ‘strategisch communicatieverhaal’ wilde.
Extra gevoelig is dat VWS duizenden pagina's interne documenten aan de NSOB verstrekte, maar zei deze niet te kunnen leveren aan journalisten die ze via de Wet openbaarheid van bestuur opvroegen. Het ministerie stelde onvoldoende capaciteit te hebben. Saillant is dat voor het verzamelen van de documenten voor de NSOB intern dezelfde software werd gebruikt die ook werd ingezet voor Wob-verzoeken.
Voormalig secretaris-generaal Erik Gerritsen verdedigt de aanpak tegenover Nieuwsuur. Op de vraag of VWS dan helemaal niets verkeerd heeft gedaan, antwoordt hij met ‘nee’. Hij zegt geen besluiten te hebben kunnen vinden die ambtenaren destijds op niet-integere gronden namen.
Eigen tunnelvisie
Voor Paul Stamsnijder, voorzitter van communicatieberoepsvereniging Logeion, legt juist die houding een fundamenteel communicatieprobleem bloot.
‘Als ik deze casus vanuit het communicatievak bekijk, vallen mij drie dingen op. Het eerste is dat het perspectief van het publiek buiten beschouwing is gebleven. Het ging niet over de burger, de getroffenen of de kritische buitenwacht. Terwijl de richtlijnen voor overheidscommunicatie dat wel voorschrijven.’
Volgens Stamsnijder organiseerde VWS daarmee ‘zijn eigen tunnelvisie’. Stamsnijder: ‘Op het moment dat je bij het bepalen van je narratief de buitenwacht niet meeneemt, suggereer je dat het verhaal alleen van jou is. Dat is niet zo. Het ging hier heel erg over het narratief van het ministerie van VWS, terwijl het uiteindelijk over volksgezondheid gaat.’
Maar is het niet logisch dat een organisatie eerst haar eigen verhaal op orde brengt?
‘Nee. Dat raakt precies aan de publieke taak van een ministerie. Het verhaal is niet van VWS. De vraag moet zijn: voor wie werk je en in wiens belang handel je? Dit traject lijkt vooral te zijn begonnen vanuit het belang van het ministerie.
‘Mijn tweede punt is daarom dat je als organisatie niet moet verdedigen, maar verbeteren. Hier is heel defensief gekozen. Ik begrijp die reflex wel. Als een organisatie onder vuur ligt, ontstaat spanning en wil je jezelf verdedigen. Maar goede communicatie floreert juist wanneer je jezelf enigszins kunt wegcijferen en niet vervalt in eenzijdige zendingsdrang.’
Gerritsen, destijds de hoogste ambtenaar van VWS, zegt dat hij geen fouten heeft kunnen ontdekken omdat ambtenaren op integere gronden handelden.
‘Dat vind ik te gemakkelijk, en raakt aan mijn derde punt. Er lijkt weinig zelfreflectie te zijn: er zijn geen fouten gemaakt, want we bedoelden het goed. Dat koop ik niet.
‘Je kunt zeggen dat je met de kennis en werkelijkheid van toen bepaalde beslissingen hebt genomen. Dat klopt. En het is goed om te waarschuwen voor oordelen met de kennis van nu. Maar vervolgens moet je wel bereid zijn te evalueren wat er niet goed is gegaan. Met dit verhaal was men intern misschien tevreden, maar de buitenwereld is er nauwelijks in meegenomen. Operatie geslaagd, patiënt overleden.’
Is dit typisch voor de ‘Haagse’ manier van handelen?
‘Dat vind ik te simpel. Deze reflex is veel universeler. Het had net zo goed bij een bedrijf kunnen gebeuren. De menselijke neiging om het eigen straatje schoon te vegen bestaat overal. Natuurlijk kan departementale controledrift een rol hebben gespeeld, maar daarmee is niet alles verklaard.
‘We moeten ook oppassen dat we doorschieten naar het idee dat de overheid ons voortdurend bedriegt en alles fout doet. Dat doet geen recht aan wat er ook goed gaat. Juist daarom vind ik het zo interessant dat de uitgangspunten voor goede overheidscommunicatie hier niet zijn toegepast.’
Wat kan het communicatievak hiervan leren?
‘Deze casus bevat lessen voor het hele communicatievak. Hoe bouw je een verhaal op? Wie betrek je daarbij? Wat is je insteek en vooral: vanuit welke drijfveer werk je? Het interessante is de discrepantie tussen hoe binnen de overheid over goede overheidscommunicatie wordt gedacht en hoe dat hier is toegepast.
‘Organisaties nemen uiteindelijk geen besluiten, mensen doen dat. Ik begrijp heel goed dat mensen in een crisis de reflex kunnen hebben om zich vast te zetten in hun eigen gelijk. Maar dat is hier op grote schaal gebeurd. En precies daarvan zou het communicatievak moeten leren.’
Reacties:
Om een reactie achter te laten is een account vereist.
Inloggen Abonneer nu