Nieuwsuur geeft onveilig signaal door UWV-interview integraal online te zetten

Het vraaggesprek met UWV-voorzitter Fred Paling ging integraal online. Dat is geen goede zaak, betoogt Michel van Baal.

Door Michel van Baal

Gisteren zette Nieuwsuur een interview met de directeur van het UWV integraal online. Het nieuwsitem maakte onder journalisten in mijn Twitter timeline wat los, vaak met de teneur ‘nu zie je hoe desastreus mediatraining kan zijn!’

Op zich snap ik dat wel, want op dit interview valt wel wat aan te merken en de man heeft overduidelijk zo’n training gevolgd. Maar ik vind het integraal online zetten van zo’n heel interviewblok wat de NOS deed een onverstandige stap, het gebeurde eerder ook al met een woordvoerder van Blokker. Volgens mij dient het geen journalistiek doel, maar erger: je geeft onbedoeld het signaal af aan je toekomstige interviewpartners dat je bij de journalistiek niet echt veilig bent.

Controle en sympathie

Allereerst, ook ik vond dit geen heel goed interview. Als je mijn blog volgt dan weet je dat ik vind dat een interview om twee dingen gaat: controle en sympathie. De controle heb je nodig om je boodschap over de bühne te krijgen. In een tijd waarin de journalistiek de minister vraagt of ze heeft nagedacht over wat ze vandaag ging aantrekken is het best verstandig de regie een beetje naar je toe te kunnen trekken.

Maar ‘sympathie’ is net zo belangrijk: het publiek moet wel bereid zijn je boodschap te geloven. En dat ging in dit geval mis, vooral doordat de geïnterviewde bijna alle vragen ontweek.

Onnodig volgens mij, want als er dingen zijn mis gegaan kun je ‘wat vindt u van…’ vragen prima beantwoorden met ‘dat vind ik vervelend/niet goed’. Hier miste in het begin een duidelijke ‘sorry’, wat in zo’n verhaal nodig is om wat sympathie van het publiek te krijgen: “Sorry, we hebben dingen niet goed gedaan en we gaan zorgen dat het goed komt”.

Laten zien dat hij niet deugt

Interviews voor programma’s als Nieuwsuur gaan niet in de vorm van een gesprek, het zijn interviews puur gericht op quotes. De verhaallijn is meestal de dag vooraf al verkend door de redactie en afgestemd met de mensen die voor de camera gaan staan. Als het goed is weet je als geïnterviewde wel ongeveer welk puzzelstukje de journalist van je nodig heeft en welk verhaal de journalist wil maken. Het is heel normaal dat 95% van de opnames in de afvalbak belandt, en maar  1 of 2 quotes echt gebruikt worden. Meestal degene waarbij je het best en duidelijkst uit je woorden komt.

Dat maakt quote-interviews, als je ze integraal online zet, per definitie een nogal raar soort halffabrikaat. Ze staan vol hele en halve herhalingen. Ik heb bij tientallen van zulke interviews gestaan of zelf voor de camera gestaan:  ‘Ja, dat was prima, maar kun je dat antwoord nog een keer geven en dan wat korter?’ – soms wel tien keer. Het is heel normaal dat iemand in herhaling valt, de journalist wil dat meestal zodat ie de beste quote kan gebruiken. De nieuwsconsument krijgt alleen het eindproduct te zien, niet hoe de soep gemaakt wordt.

Welk doel dient het online plaatsen van zo’n halffabrikaat? Inhoudelijk voegt het in dit geval weinig tot niets toe. Dat de geïnterviewde niet erg geloofwaardig was, dat was in het TV-item van Nieuwsuur, het eindproduct, ook al glashelder. Helderheid scheppen omdat de geïnterviewde ontkende iets gezegd te hebben? Dat zou een goede reden zijn, maar volgens mij hier niet aan de orde.

Zodat we de man belachelijk kunnen maken en uitlachen? Laten zien dat ie niet deugt? Iemand twitterde me de reactie van de eerder genoemde woordvoerder van Blokker, die eerlijk aangaf dat het online zetten van zijn mislukte interview grote persoonlijke impact had gehad, niet alleen op hem maar ook op zijn gezin. Dat kan ik begrijpen.

Rob Hesen LinkedIn

Uit frustratie

Of is het uit frustratie over het fenomeen mediatraining? De houding van journalisten tegenover mediatraining is nogal ambivalent. Er wordt veel gemopperd, maar achter de schermen zijn journalisten vaak wel blij met goede training: het werkt een stuk makkelijker en sneller als een deskundige zijn punt helder, compact en beeldend naar voren kan brengen. Het is ook fijn voor een journalist als een geïnterviewde zijn rol in het proces begrijpt. En dat is wat goede mediatraining moet doen.

En ja, zoals met alles: er is natuurlijk ook slechte. Het is natuurlijk minder prettig als iemand zich door training omringt met mist en telkens de vraag ontwijkt. Maar aan de andere kant: daar betaal je dan uiteindelijk een rekening voor in het eindproduct. Dat gebeurde ook in dit geval.

'U bent bij ons niet veilig'

Wat ik hier echt zorgelijk aan vind is dat je met het integraal online zetten van dit soort halffabrikaat-interviews (onbedoeld) een signaal uitzendt. Een signaal in de richting van mensen die wel met media te maken kunnen krijgen, maar er geen professionals in zijn. En die een interview vaak sowieso al erg spannend vinden om te doen. Dat signaal zegt “u bent bij ons niet veilig. Als we willen gooien we al uw gestuntel gewoon op straat”.

Ik kan wel raden wat al die mensen daardoor willen: meer mediatraining. Als ze überhaupt nog zin hebben de media te woord te staan, want de vrees hiervoor kom ik in de praktijk echt heel veel tegen. Het is een van de belangrijkste redenen waarom deskundigen interviews voor nieuwsmedia niet willen doen.  

Michel van Baal is woordvoerder en hoofd interne en externe communicatie TU Delft. Hij heeft zijn eigen blog.

 

Plaats als eerste een reactie

Ook een reactie plaatsen? Word lid van Adformatie!

Word lid van Adformatie → Login →
Advertentie