Corona bevriest tv-spotmarkt in eerste kwartaal 2020

GroupM ziet implosie grp's na 12 maart, Ster dat (kortstondig) profiteert en een Talpa Network dat zoekende is.

Winter is coming.. Dit was de tekst waar de ‘GetReady’ presentatie, die GroupM jaarlijks aan de start van het nieuwe onderhandelingsseizoen aan haar adverteerders geeft, mee begon. Een tekst die de meeste wenkbrauwen deed fronsen. We hadden immers net een succesvol jaar achter de rug. Economisch ging het ondanks afvlakkende groei nog steeds voor de wind, er stonden grote sportevenementen gepland en 2020 zou wederom een positief jaar worden.

De positiviteit was dan wel gebaseerd op short-termism met een reëel afbreukrisico, maar de netto tv-spotbestedingen en kijktijd zouden dit jaar wederom gaan stijgen, wat iedereen lucht zou geven om de benodigde transformaties door te maken in een steeds verder digitaliserende wereld.

Het jaar kwam in de eerste twee maanden met dalende kijktijd en bestedingen moeilijk op gang, maar er werd hoopvol uitgekeken naar een hete zomer met Max Verstappen, het Eurovisie Songfestival, het EK voetbal, de Olympische spelen en alle nieuwe tv-producties die er aan zaten te komen. De emmers met geld stonden klaar en het zou gaan klotsen tegen de plinten. Iedereen was er klaar voor.

Advertentie
advertisement

IJzige winter

Er brak na de bekendmaking van de eerste coronamaatregelen echter een ijzige winter aan die zijn weerga niet kent. De kijktijd schoot kortstondig omhoog, maar campagnes werden massaal geannuleerd en in de vriezer gestopt. Albert Heijn schrapte haar hamsterweken, Coca-Cola besloot al haar commerciële uitingen te stoppen en nagenoeg alle automotive campagnes gingen op zwart, waardoor de tv-spotomzet in de tweede helft van maart halveerde.

Grote tv-producties met veel publiek, crew en/of acteurs kwamen stil te liggen, marktindices moesten drastisch worden verlaagd en Ster begon met het weggeven van gratis overscores aan haar trouwe adverteerders omdat het haar reclameblokken niet meer gevuld kreeg.

Door de tegenvallende eerste twee maanden en schrikreacties op het coronavirus beleefde de tv-spotmarkt een ijskoud eerste kwartaal gemeten in tv-spotbestedingen. De eerste tekenen van het tweede kwartaal zijn door onzekerheden en uitstel van campagnes minimaal even zorgwekkend, al heeft de tijd ons geleerd dat te ver vooruit kijken eigenlijk niet zoveel zin heeft.

Laten we terugkijken: wat waren de implicaties van het coronavirus in het eerste kwartaal van 2020? Wie profiteerde, wie niet, wat gebeurde en met de kijktijd, nieuwsprogramma’s en de grp-verkoop?

Corona houdt Nederland (voor eventjes) thuis aan de buis

Het jaar kwam zoals gezegd lastig op gang. In de eerste twee maanden van het jaar daalde de live kijktijd met 10 procent in de commerciële doelgroep 25-54 in het prime-time tijdvak, en ook keek deze doelgroep 3% minder uitgesteld. Maar direct na de eerste coronamaatregelen schoot de lineaire kijktijd omhoog doordat we massaal nieuws- en actualiteitenprogramma’s bekeken tussen 17.00 en 23.00 uur. De live kijktijd steeg hierdoor met 14 procent in week 11 naar gemiddeld 84 minuten per dag. De kijktijd steeg in week 12 daarna hard door naar gemiddeld zelfs 91 minuten (+23 procent) per dag.

Maar de curve vlakte na de bekendmaking op 23 maart van de huidige maatregelen ook snel weer af, als gevolg van verminderde interesse voor alle nieuwsprogramma’s. Ook het warme lenteweer heeft een grote rol gespeeld, aangezien in voorgaande jaren kijktijd ook afvlakte zodra de zon begon te schijnen. Door de snelle afvlakking werd er vorige week met gemiddeld 74 minuten weer net zoveel live-tv gekeken als in de eerste 10 weken van het jaar.

Ondanks de kortstondige stijging in de laatste twee weken daalde de live kijktijd in het eerste kwartaal met 6 procent versus vorig jaar naar gemiddeld 76 minuten per dag. Het tv-zendertotaal daalde door de lichte stijging van uitgesteld kijken met 4 procent minder hard. Hierdoor keek deze commerciële doelgroep gemiddeld nog steeds 96 minuten per dag naar broadcaster zendtijd binnen het prime-time tijdvak.

 

1

Totale schermtijd stabiel door versnelde verschuiving naar non-broadcaster zendtijd

Hiertegenover staat de stijging van het overig schermgebruik. De kijktijd op het grote scherm naar non-broadcaster zendtijd via de settopbox, smart-tv, connected device of ouderwetse videorecorder groeit als gevolg van de coronacrisis versneld door. In de eerste twee maanden van 2020 groeide het overig schermgebruik binnen de commerciële doelgroep 25-54 al met 16 procent naar 31 minuten per dag, maar direct na 12 maart piekte het overige schermgebruik naar gemiddeld 40 minuten (+48 procent) per dag.

Deze stijging zet ook de laatste weken door, zonder enige tekenen van afvlakking. Het overgrote deel, 87 procent van de overige kijktijd gaat via apps op de settopbox of via een mediaplayer zoals de Google Chromecast, AppleTV, Playstation of ander connected device. Uit onderzoek van haar Kantar panel heeft GroupM onderzocht dat een groot deel van dit overig schermgebruik
apps als Netflix, YouTube, Videoland en KIJK kunnen zijn.

De totale kijktijd in het eerste kwartaal bleef hierdoor met gemiddeld 113 minuten versus 114 minuten dus stabiel, maar verschoof dus wel versneld naar non-broadcaster zendtijd, wat nu 33 procent van de totale schermtijd behelst.

 

2

Ster profiteert kortstondig door nieuwsvoorziening, maar snelle coronamoeheid

In de eerste twee maanden van dit jaar wist Talpa Network als enige tv-exploitant marktaandeel te winnen. Met 21,2 procent marktaandeel op de commerciële doelgroep 25-54 binnen het prime-time tijdvak had Talpa Network op 2 maart 0,9 procent meer marktaandeel versus dezelfde periode vorig jaar. Dit ging ten kosten van AdAlliance wat met 44,2 procent marktaandeel op dat moment 1,1 procent marktaandeel verloor.

Maar deze groei en daling waren het gevolg van de verschuiving van de zender BBC First (0,8 procent marktaandeel) van AdAlliance naar Talpa Network. Ook het marktaandeel van Ster bleef, net als de autonome performance van de commerciële partijen, in de eerste twee maanden van dit jaar met 30,2 procent stabiel.

Na 12 maart ontstonden er wel grote verschillen als gevolg van de nieuwsbehoefte rondom het coronavirus. Alle nieuws-, actualiteiten- en praatprogramma’s profiteerde, met een duidelijke piek op 23 maart waarop de huidige maatregelen bekend werden gemaakt. Het 20.00 Uur Journaal, DWDD en EenVandaag bereikte op deze dag recordhoogtes in kijkcijfers.

Eerder werden er al kijkcijferrecords gebroken met de historische toespraken van Mark Rutte en koning Willem-Alexander met ruim 7 en 6,5 miljoen kijkers. Ster zag haar marktaandeel in week 12 hierdoor met dubbele cijfers groeien naar 35,9 procent, wat daarna ook snel weer afvlakte door coronamoeheid. Ster zag haar marktaandeel door deze kortstondige piek in het eerste kwartaal met 0,8 procent absoluut marktaandeel groeien.

aandelen

Talpa zoekende, performance oud-Branddeli zenders daalt fors

De groei van Ster in het eerste kwartaal ging ten koste van zowel AdAlliance als Talpa Network, welke beide aandeel verloren. AdAlliance verloor absoluut 0,4 procent en Talpa 0,7 procent en daalde respectievelijk naar 43,0 procent en 21,0 procent marktaandeel. Dit inclusief de verschuiving van BBC First (0,8 procent).

De jarenlange zoektocht naar de juiste invulling van haar nieuwsvoorziening speelt Talpa Network tijdens de coronacrisis nu parten, wat zorgde voor een autonome daling van 1,5 procent marktaandeel in het eerste kwartaal. Ook het nieuw opgetuigde programma ‘In het Hart van Nederland’ wist gemiddeld niet meer dan 445 duizend mensen te trekken, en werd vroegtijdig weer uit het uitzendschema gehaald.

Het marktaandeel van RTL-zenders bleef stabiel, maar AdAlliance zag na 12 maart wel de performance van de oud-BrandDeli zenders flink dalen van gemiddeld 11,8 naar 8,7 procent marktaandeel na week 11. Dit zal nu de drang naar nieuws- en actualiteiten afneemt weer kunnen gaan stijgen, al laat deze trend zich vooralsnog niet zien.

4

Grp-verkoop implodeert na 12 maart

De meest negatieve grafiek over het eerste kwartaal is die van het overzicht van de grp-verkoop. Over het hele kwartaal werden er 10 procent minder grp’s verkocht versus vorig jaar, al vertekend het beeld voor 12 maart. Door de massale afboekingen kwam de verkoop van grp’s bij alle tv-exploitanten in een negatieve stroomversnelling.

De absolute verschillen en het verloop zijn echter groot. Over het hele kwartaal verkochten Ster en de oud-BrandDeli zenders respectievelijk 11 en 15 procent minder grp’s en bleef de schade bij RTL-zenders en Talpa met een daling van 8 en 6 procent nog enigszins ‘beperkt’. Waar zowel Ster als Talpa na de scherpe daling in de laatste dagen van maart weer enige stabilisatie vonden, bleef de grp-verkoop van AdAlliance steeds harder dalen. Na 12 maart werden er gemiddeld 23 procent minder grp’s verkocht, wat in de laatste dagen van maart zelfs opliep tot dalingen van 70 procent.

55

Deflatie op deflatie

Na de sterk oplopende inflatie in de afgelopen vijf jaar schiet de tv-markt noodgedwongen over naar deflatoir beleid. In de week na 12 maart paste zowel AdAlliance als Talpa haar marktindices aan naar neutrale waardes van 100, als reactie op de verlaagde marktindex (95) bij Ster en plotseling lege blokken.

Waar de tariefkaart-inflatie in 2019 gemiddeld op 15 procent eindigde kwam de inflatie in het eerste kwartaal van 2020 uit op ‘slechts’ 2 procent, waarbij de vele overscores in veel gevallen zelfs voor deflatie zullen hebben gezorgd. Ster ging daarnaast een stap verder door tenminste tot 1 mei gratis zendtijd aan te bieden aan brancheorganisaties zonder winstoogmerk. Wat voor Ster een beter alternatief is dan het teruggeven en niet meer terugkrijgen van commerciële zendtijd aan de publieke omroep.

Ook bij zowel AdAlliance als Talpa staan de marktindices in mei op een historisch laag niveau van 95.

Koffiedik kijken

Hoe de rest van jaar voor de tv-markt zich zal ontwikkelen is op dit moment koffiedik kijken. De korte termijn regeert en het is voor adverteerders (uitzonderingen daargelaten) vrijwel onmogelijk een exact jaarbudget af te geven. Langzaam komen we zoals onze premier het verwoorde weer ‘back to normal’.

De verwachting is dat budgetten terug gaan komen, maar de vraag is wanneer. In het buitenland zien we dat en het is ook de verwachting dat media-bestedingen snel weer op het oude niveau komen, echter een mogelijk (verwachte) recessie kan roet in het eten gooien en zal ook impact gaan hebben op de budgetten voor de tweede helft van het jaar.

Het zijn zware tijden voor de tv-exploitanten, die op digitaal vlak (bereik, kosten), zich nog niet voldoende ontwikkeld hebben om een vuist te kunnen maken versus de global giants. Een local support vanuit adverteerders zal hier in een brandsafe omgeving wellicht een handje kunnen helpen.

Plaats als eerste een reactie

Advertentie