Overslaan en naar de inhoud gaan

Nederland wil de Fabeltjeskrant terug. Maar blijf wel van Meneer de Uil af

De Fabeltjeskrant keert terug, maar het publiek wil niet dat er te veel aan de geliefde klassieker wordt veranderd.
Lowieke de Vos en Meneer de Uil
Lowieke de Vos en Meneer de Uil
© https://www.youtube.com/watch?v=2BpLjiPfi-A

De Fabeltjeskrant maakt zich op voor een tweede leven. Het Grote Dierenbos, waarin generaties Nederlanders opgroeiden met Meneer de Uil, Bor de Wolf en Juffrouw Ooievaar, keert terug op het scherm. Niet alleen worden de oude afleveringen met behulp van artificial intelligence grondig opgepoetst: er wordt ook gewerkt aan een volledig nieuwe animatieserie, waarbij kunstmatige intelligentie een belangrijke rol speelt.

Dat roept de vraag op hoeveel ruimte er is om aan zo’n geliefd stukje Nederlandse televisiegeschiedenis te sleutelen. De eerste signalen zijn hoopgevend. De meeste consumenten staan positief tegenover de comeback, maar blijken tegelijkertijd sterk te hechten aan het vertrouwde karakter van de serie. Dat blijkt uit consumentenonderzoek (N=507) van Adformatie in samenwerking met marktonderzoekbureau MSI-ACI.

Het Grote Dierenbos leeft nog altijd

Dat De Fabeltjeskrant nog stevig in het collectieve geheugen zit, blijkt meteen uit de bekendheid. 42 procent van de ondervraagden zegt de serie goed te kennen en nog eens 38 procent redelijk goed. Voor veruit de meesten ligt de oorsprong van die bekendheid bij de oorspronkelijke televisie-uitzendingen: 87 procent kent De Fabeltjeskrant van vroeger. Slechts 6 procent noemt YouTube als bron.

Die bestaande bekendheid vormt de basis onder de huidige comeback. De eerste stap daarvan is relatief behoudend. Alle 1600 originele afleveringen zijn uit het archief gehaald en met behulp van AI technisch verbeterd. Beeld en geluid zijn opgeknapt en de serie is gedigitaliseerd. De eerste afleveringen zijn inmiddels gratis via het officiële YouTube-kanaal te bekijken; daarna verschijnt dagelijks een nieuwe oude aflevering.

Voor die gerestaureerde afleveringen bestaat duidelijke belangstelling. 19 procent zegt zeker te gaan kijken en 39 procent verwacht waarschijnlijk wel een aflevering te bekijken. Voor 29 procent maakt de terugkeer weinig uit, terwijl 11 procent aangeeft niet te zullen kijken.

Opvallend is dat de AI-techniek hier nauwelijks als breuk met het verleden hoeft te voelen. Er wordt immers geen nieuwe Fabeltjeskrant gemaakt: bestaande afleveringen worden vooral geschikt gemaakt voor moderne schermen en een nieuw distributiekanaal.

De echte proef komt met de nieuwe serie

Veel spannender wordt de tweede fase van de comeback. Monks werkt namelijk aan een volledig nieuwe animatieserie, gebaseerd op de oorspronkelijke wereld van De Fabeltjeskrant. Ook daarbij wordt AI ingezet. De serie moet in oktober worden gepresenteerd aan internationale tv-zenders en streamingdiensten en Monks heeft de ambitie om haar uiteindelijk in minimaal veertig landen uit te brengen.

Juist over díe nieuwe serie laten de onderzoeksresultaten een interessante dubbelheid zien. Aan de ene kant spreekt het idee van een nieuwe Fabeltjeskrant veel consumenten aan. 53 procent is het eens of helemaal eens met de stelling dat het leuk zou zijn om de nieuwe afleveringen samen met kinderen of kleinkinderen te bekijken. Ook ziet 65 procent de remake als een mooie manier om een Nederlandse klassieker nieuw leven in te blazen. De nieuwe serie lijkt daarmee iets te kunnen doen wat de oude afleveringen alleen moeilijk kunnen bereiken: niet alleen nostalgie oproepen, maar die ook doorgeven aan een volgende generatie. De consument lijkt open te staan voor een nieuwe Fabeltjeskrant, zolang het resultaat nog duidelijk als De Fabeltjeskrant voelt. Want enthousiasme betekent niet dat de makers vrij spel krijgen.

Vernieuwen mag, maar niet onbeperkt

De scepsis over de remake is aanzienlijk. 51 procent is het eens of helemaal eens met de stelling dat men bang is dat het vooral een commerciële remake wordt. Eveneens 51 procent vindt dat sommige klassiekers gewoon met rust moeten worden gelaten. Tegelijkertijd wijst het onderzoek niet op een principiële afwijzing van modernisering. Ook 51 procent ziet juist een goede kans om in de nieuwe afleveringen onderwerpen van nu te behandelen, zoals duurzaamheid en diversiteit. Daarmee lijkt de consument een vrij specifieke opdracht aan de makers mee te geven: actualiseren kan, maar de identiteit van het origineel moet overeind blijven.

Dat blijkt het duidelijkst uit de stelling over de vorm van de nieuwe serie. 73 procent hoopt dat de ‘oude stijl’ van De Fabeltjeskrant behouden blijft. Bijna de helft, 48 procent, is het daar zelfs helemaal mee eens. Slechts 9 procent verzet zich tegen die wens. Dat maakt de remake tot een delicate balanceeract. De makers willen een serie maken die aansluit bij kinderen van nu en internationaal kan worden verkocht, maar werken tegelijk met een merk waarvan een belangrijk deel van de aantrekkingskracht juist zit in herkenbaarheid en nostalgie.

Interesse genoeg, betaalbereidheid minder

Of die belangstelling zich ook vertaalt in daadwerkelijk kijkgedrag, moet nog blijken. 47 procent zegt van plan te zijn naar de nieuwe afleveringen te kijken als die straks bij een tv-zender of streamingdienst verschijnen. Daar zit wel een duidelijke financiële grens aan. 41 procent wil kijken zolang daarvoor niet extra betaald hoeft te worden. Slechts 6 procent zegt ook te zullen kijken wanneer de nieuwe Fabeltjeskrant apart geld kost. Nog eens 32 procent weet niet of het gaat kijken, terwijl 21 procent nu al zegt af te haken. Voor producenten en distributeurs is dat een relevant signaal. De merkbekendheid en nieuwsgierigheid naar de remake zijn aanzienlijk, maar dat betekent niet automatisch dat consumenten bereid zijn er apart voor te betalen.

Merken stuiten op weerstand

Nog gevoeliger ligt de mogelijke rol van adverteerders. Victor Knaap van Monks ziet rond de nieuwe serie kansen voor merken. Door de manier waarop de productie wordt opgezet, zouden merken zich volgens hem op verschillende creatieve manieren aan de wereld van De Fabeltjeskrant kunnen verbinden. Concrete adverteerders zijn er nog niet. Bij consumenten lijkt daar voorlopig weinig ruimte voor. Gevraagd wat zij ervan zouden vinden als een merk herkenbaar in beeld komt in een nieuwe aflevering, zegt 70 procent liever geen reclame in een kinderprogramma te zien. Slechts 22 procent heeft daar geen probleem mee.

Daarmee wordt de paradox rond de comeback zichtbaar. Juist de sterke merkwaarde en nostalgische kracht van De Fabeltjeskrant maken de serie interessant voor commerciële partners. Maar diezelfde emotionele waarde maakt het publiek ook beschermend: wie te nadrukkelijk aan het vertrouwde Grote Dierenbos sleutelt, riskeert weerstand. De echte test begint met de remake.

Daar moeten Monks en de andere makers bewijzen dat De Fabeltjeskrant ook voor een nieuwe generatie kan werken zonder dat het programma zijn oude ziel verliest. Het onderzoek suggereert dat daar zeker ruimte voor is. Maar het publiek stelt wel voorwaarden: vernieuw, actualiseer en experimenteer gerust – zolang Meneer de Uil nog steeds voelt als Meneer de Uil.

Ons consumentenpanel

In samenwerking met MSI-ACI voert Adformatie regelmatig consumentenonderzoek uit naar aanleiding van de marketingactualiteit.

Advertentie

Reacties:

Om een reactie achter te laten is een account vereist.

Inloggen Abonneer nu

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

Advertentie
Advertentie

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Word lid van Adformatie

Om dit topic te kunnen volgen, moet je lid zijn van Adformatie. 15.000 vakgenoten gingen jou al voor! Meld je ook aan met een persoonlijk of teamabonnement.

Al lid? Log hier in

Word lid van Adformatie

Om dit artikel te kunnen liken, moet je lid zijn van Adformatie. 15.000 vakgenoten gingen jou al voor! Meld je ook aan met een persoonlijk of teamabonnement.

Al abonnee? Log hier in